N1 delft onderspit in Castricum

Het eerste NHSB team van Caïssa-Eenhoorn heeft haar laatste wedstrijd van 2018 niet kunnen winnen. Het kunststukje in de vorige twee edities (4,5-3,5 winst) kon niet worden herhaald. Castricum was dit jaar namelijk met 5-3 te sterk.

Na een mooie overwinning in ronde 3 op Magnus/AP, was de weg omhoog ingeslagen. De volgende horde - ronde 4 - was een uitwedstrijd tegen Castricum. Een sterke tegenstander die ons eigenlijk altijd wel goed ligt. Ondanks het ratingverschil, wat op papier altijd voordelig is voor de Castricummers, heeft Caïssa-Eenhoorn (toen team 3 of 4) in alle onderlinge duels in de eerste klasse nog gewonnen (in 2012-2013, 2013-2014, 2016-2017 en 2017-2018).

Voordat we een poging konden doen om de 100% vast te houden, was de eerste horde om het team compleet te krijgen. Tot nu toe kostte dat geen moeite maar had deze keer wat meer voeten in de aarde. De afzeggingen van Peter Holscher en Ton Wessels waren bekend, maar helaas kwam daar nog een late afmelding van Ton van Dijk bij, die ziek was. Na wat belletjes kwam ik bij Ger Roos uit, die bereid was om in te vallen. Samen met Robin Duson en Sernin van de Krol ,drie goede invallers waarmee we de wedstrijd konden beginnen.

Ondanks de goede voortekenen blijken resultaten uit het verleden geen garantie voor de toekomst. Al snel zag het er namelijk niet zo best uit voor onze N1. Roy Kerkhoven had zich verslikt in een openingsvalletje, en hetzelfde gebeurde bij Bert Spil. Ook Fred Avis had het niet makkelijk, en was het op de andere borden nog onduidelijk.

Dat zorgde dan ook al snel voor een jammerlijke 3-0 achterstand in Dorpshuis De Kern. Roy had te weinig compensatie voor het stuk wat hij moest inleveren tegen kopman Robert van der Wal en verloor. Bij de twee Berten (Bert speelde tegen Bert van Oudvorst) leek onze Bert nog wel even terug te komen. De materiële achterstand was weggepoetst, maar zijn stelling werd er niet beter op. Zijn koning werd het bord over geslingerd, en had geen mogelijkheid om zijn onontwikkelde loper en toren in het spel te brengen: 2-0.

Fred was 'de pineut' van de (op papier) ietwat tactische opstelling. Sander Mossing Holsteijn met ruim 2050 nam namelijk ook plaats aan het zevende bord. In de partij leek het er even op dat Fred fijn spel had toen hij de zwarte loper in had gesloten, maar dat bleek alleen optisch. De activiteiten  van de Castricumse stukken waren namelijk echter veel groter. Ook na het stukoffer van Fred, koos Holsteijn voor de goede voortzetting waardoor Fred snel kon opgeven.

Dan is het eindelijk toch wel eens tijd voor wat punten? Ja!,en die kwamen er ook. Het eerste halfje kwam op naam van Sernin. Na mooie prestaties in de laatste ronden van de interne (winst op zowel Arnold van der Wolff als Nick Manshanden), kon ik amper om hem heen. In deze partij tegen Victor de Vries koos hij voor het gewaagde (en gevaarlijke) lang rokeren met zwart. Toen Sernin de aanval inzette kreeg hij ook voor ogen waarom het gevaarlijk was. Wit offerde een toren op b7, en leek op weg naar een kunststukje. Accuraat spelen is dan wel van belang. In een complexe stelling, en met een goede rekenaar tegenover je, is dat alleen niet zo makkelijk:

De Vries - Van de Krol na 26...Dxa6. Met de koning op de tocht ziet het er lastig uit voor zwart. 27.Dxa6 werkt nu het beste, maar ja, zie het maar. Daarbij moet dan ook gezegd worden dat er in de stelling die volgt, toch wel enige engine zetten tevoorschijn getoverd moeten worden. Wit koos in de partij voor 27.Dxc4+ Kb6, en moest na 28.Dc5+ Ka5 29.Da3+ Kb6 in remise berusten. Goed verdedigd!

Het eerste volle punt kon ik vervolgens zelf op het scorebord brengen. Tegen Nico Kuijs kreeg ik met wit een variant tegen me die ik qua zetten-volgorde niet kende. Gewoon je ding doen dus. Dat deed ik, maar zorgde daarmee even later wel dat zwart het fijne witte loperpaar onschadelijk kon maken. Kuijs koos een andere voortzetting waardoor, wit na enkele zetten weer tegen een prima stelling aankeek. Na een mislukte combinatie kwam de stelling toch in evenwicht, en dacht ik dat er niet meer in zat dan remise:

Van Dijkhuizen - Kuijs na 34...Tg8. De matdreiging pareert wit met 35.Lf1 waarna zwart met gemak zettenherhaling kan afdwingen (via 35...Dh5). De zwartspeler werd echter wat overmoedig en dacht in een gunstig eindspel terecht te komen na 35...Dc5? Hij had alleen gemist dat zijn matdreiging hem nu de kop kostte vanwege: 36.Dxc5 bxc5 37.Txe6! Kxe6 38.Lc4+ 1-0.

De enige twee dames in de speelzaal mochten nota bene tegen elkaar: Heleen van Arkel- De Greef en Robin. De WIM van Castricum heeft het altijd lastig tegen spelers uit Hoorn. Haar laatste drie partijen kon ze ondanks het ratingverschil namelijk niet winnen (Peter Holscher, 2012: nederlaag en tegen Bert Spil (2014) en ondergetekende (2017) remise). Ook Robin lukte het om een goed resultaat te halen tegen haar. In een spannend positioneel gevecht, manoeuvreerde Robin met zwart handiger en bereikte een fijne stelling. Na een interessant kwaliteitsoffer werd de witte stelling langzamerhand wel beter, maar werd het ook complexer. Robin speelde dynamisch, en kon even later remise afdwingen:

Van Arkel-de Greef - Duson na 32...Dd4. Wit koos om het gepende paard nog eens aan te vallen met 33.Tc2, waarna er na 33..Td6 34.Db7 Td7 35.Dc6 Td6 (enz.) remise overeen werd gekomen door (alweer) zettenherhaling. Logisch ook, want de witspeelster mag het veld f3 niet loslaten. Voor zwart is er verder ook niets beters. Met 33.Tc3 had wit nog door kunnen spelen, aangezien de pionzet f3 dan mogelijk wordt. Zwart blijft dan ondanks dat a6 valt, wel veel spel houden. Maar ja, dat zijn niet de zetten die je makkelijk en snel vindt onder druk in (wederzijdse) tijdnood. Een prima remise dus.

Gijs Leene speelde aan het vijfde bord met de witte stukken tegen Eric van der Klooster een goede partij. Hij ging  om en bracht de zwartspeler in de verleiding om pionnen mee te gaan snoepen. Dat werd hem fataal. Gijs zag zijn kans schoon om even later toe te slaan, en deed dat ook: 4-3.

Zo is het toch nog ineens spannend geworden. Zeker omdat invaller Ger zich aan bord 6 richting een goed eindspel heeft weten te wurmen. Aanvankelijk leek Wouter Beerse met een koningsaanval de zwarte stelling omver te blazen, maar kwam van een koude kermis thuis. Na een flinke afwikkeling kwam Ger er goed voor te staan in een paard+toren eindspel. Met twee mooie vrijpionnen leek hij de winst op te kunnen halen, maar was te druk bezig met het vervelende Castricumse paard. Dat werd hem dan ook fataal in tijdnood. Nadat het paard de zwarte pionnen allemaal had geslagen stond wit ineens gewonnen: 5-3.

Toch uiteindelijk zuur. Ondanks dat het er niet rooskleurig uitzag aan het begin van de avond na de snelle 3-0 achterstand, is het toch nog een spannende wedstrijd geworden. Dat zie je niet zo snel bij andere sporten. We kopen er niks voor nu, en konden met lege handen naar huis. Nou ja, wel met drie bordpunten dan. In het nieuwe jaar nog drie belangrijke wedstrijden tegen directe concurrenten: KTV (thuis), Aartswoud (uit) en En Passant (Texel, thuis).

Eerst maar even het oude jaar uitzingen, en op 4 januari de bekerwedstrijd tegen (nog eens) Aartswoud.

Castricum N1 (1933) - Caïssa-Eenhoorn N1 (1837) 5-3

1 Robert van der Wal  2071  - Roy Kerkhoven  2009 1-0
2 Heleen van Arkel-de Greef  2042  - Robin Duson  1979 ½-½
3 Nico Kuijs  1911  - Robbert van Dijkhuizen  1895 0-1
4 Bert van Oudvorst  1929  - Bert Spil  1777 1-0
5 Eric van der Klooster  1906  - Gijs Leene  1873 0-1
6 Wouter Beerse  1823  - Gerrit Roos  1714 1-0
7 Sander Mossing Holsteijn  2058  - Fred Avis  1811 1-0
8 Victor de Vries  1729  - Sernin van de Krol  1645 ½-½

 

2 gedachten over “N1 delft onderspit in Castricum

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *