Nog geen dranghekken bij Caïssa-Eenhoorn

De eerste bondszaterdag van 2026 begint en eindigt voor Caïssa-Eenhoorn met schoonmaken. ’s Ochtends worden in de speelzaal zestien opklapborden met een warme vochtige doek behandeld, ’s avonds houden de toppers zich bezig met de vaatwas. Na een succesvolle ronde (het vlaggeschip wint met 7-3, de andere twee teams komen 4-4 overeen met hun tegenstanders) kiest de club voor een ‘uit-eten-gambiet’. De vaste gang naar een restaurant is geofferd voor Chinees in Copernicus. We willen alles netjes achterlaten en na de geïmproviseerde banana boat – die traditie blijft erin – pakken de schakers afwasborstel, theedoek, bezem en dweil alsof ze toren-, paard-, loper- en damezetten doen.

Matchwinster bij Caïssa-Eenhoorn. Arlette van Weersel is tegen Jan Boersma op weg naar het halve punt, dat zekerheid zal geven over de wedstrijdwinst.

Caïssa-Eenhoorn is in de Hoornse scholengemeenschap gastheer voor Philidor 1847, Philidor 2 en... Aartswoud 2. In Leeuwarden en Leiden (opgericht in 1919) hebben ze al heel lang schaakverenigingen die naar de bekende Fransman zijn vernoemd, maar Noord-Holland moet het met het verleden doen. Want jazeker, ook ‘wij’ hebben Philidor-clubs gehad.

De oudste is Philidor uit Zaandam. Zo’n honderdvijftig jaar geleden begint een periode van een uitbundig Zaans schaakleven en daar maakt het schaakgenootschap Philidor deel van uit. De Zaanlandsche Courant van 12 november 1879 schrijft over een schaakduel tegen Palamedes uit Wormerveer. Het gaat om een correspondentiewedstrijd. Alle zetten verschijnen in de krant en in die van 27 oktober 1880 weten de lezers de uitslag: wit (Palamedes) ‘abandonneert’. Ondertussen is een tweede partij, waarin de Wormerveerders de zwarte stukken hebben, aan de gang. Die duurt van november 1880 tot en met juli 1881 en opnieuw delft wit het onderspit. Van een derde wedstrijd – november 1881-maart 1882 – zijn slechts 21 zetten bekend en geen uitslag. Het schaakgenootschap adverteert in het Zaanlandsch Nieuws- en Advertentieblad van 10 november 1882: ,,De vergaderingen zullen voortaan gehouden worden op Vrijdag, ’s avonds 7½ uur, in café Suisse. Personen hier of elders woonachtig kunnen worden geïntroduceerd of als lid aangenomen.’’ Clubavonden werden vroeger vergaderingen genoemd. Café Suisse is een kleine twintig jaar later de speelzaal van schaakclub Zaandam.

Uit de Zaanlandsche Courant van 12 november 1879.

De tweede Noord-Hollandse schaakclub Philidor huist op Texel. Ook op het Waddeneiland is er flink geschaakt, vooral in Den Burg. De oudste vereniging is Vermaak door Oefening (1908), daarna hebben we OKK (1926), Strijd in Vrede (1936) en... het in oktober 1945 opgerichte Philidor. Overigens is er buiten de ‘hoofdstad’ eveneens geschaakt. Uit de Texelsche Courant van 29 september 1945: ,,Het aantal schaakclubs op Texel is niet groot: Den Burg en Oosterend hebben elk één club, n.l. SIV en ODSC. Op de andere dorpen zijn wel goede schakers, maar geen schaakclubs. Te Den Burg nu bestaan plannen om een chr. schaakclub op te richten.’’

Uit de Texelsche Courant van 17 oktober 1945.

Nog geen twee maanden later verslaat Philidor in Oosterend ODSC met 8½-1½ en die ontmoeting geldt als eerste wedstrijd voor het kampioenschap van Texel. Het thuisduel levert eveneens winst op en van Strijd in Vrede pakt de ploeg uit Den Burg drie punten, zodat Philidor als eerste Texelse kampioen de boeken ingaat. Van de vereniging is weinig meer bekend en waarschijnlijk houdt ze in 1957 op te bestaan. Twee jaar later wordt En Passant opgericht. De club van onder meer Joop Rommets, die zich in 1986 tot kampioen van Texel kroont. Hij is dan naar Leiden verhuisd in verband met zijn studie Nederlands en schaakt bij... Philidor.

Amsterdam hoort bij Noord-Holland, maar zit niet in het gebied van de NHSB. Daar is een Philidor in hoofdletters geweest. De achtletterige afkorting betekent Pete Hostem, Insta Latronibus, Inermis Deme, Obtege Reginam. Een groep studenten noemt zich in 1880 zo: zoek de vijand, ruk op tegen de rovers, sla wat niet is verdedigd, bescherm de dame. Het gezelschap is zo’n twintig seizoenen actief geweest.

De Delftsche Courant van 7 maart 1886 heeft een aankondiging om op dinsdag 9 maart een schaakclub op te richten. Een week later wordt de geboorte van Philidor gemeld. De vereniging heeft waarschijnlijk niet lang bestaan, maar in ieder geval drie seizoenen op donderdagavond in café Vos geschaakt.

Uit de Delftsche Courant van 14 september 1886.

Van Delft naar Leiden is – tegenwoordig – een half uurtje met de auto en zo komen we bij Philidor dat op deze zaterdagmiddag de tegenstander is van Caïssa-Eenhoorn 2. Op Wikipedia is over de oprichting te lezen. Rond 1900 worden de arbeidersschaakclubs populair, met name in Zuid-Holland. Na Den Haag en Rotterdam krijgt de studentenstad in 1919 de Leidsche Volksschaakclub en twee jaar heeft Delft er ook één. De LVSC is niet de enige schaakvereniging in Leiden en halverwege de jaren twintig borrelt het idee op om de ‘wirwar van clubs’ te vervangen door één sterke schaakvereniging. Pogingen tot een fusie met LSG en Palamedes – naamgenoot van het Wormerveerse gezelschap – mislukken. Omdat LVSC niet echt een volksschaakclub is geworden, kiest men in 1925 voor een andere naam: Philidor.

Na de Tweede Wereldoorlog begint Philidor heel langzaam mee te tellen. Een eerste verblijf in de landelijke competitie is kort (1950-1955), de rentree markeert de beginfase van een geweldige periode, waarin het team meerdere malen dicht bij de nationale titel is geweest, maar het moet doen moet vier keer het predikaat ‘vice-kampioen van Nederland’. Als kampioen van de Leidse Schaakbond 1957 is één gewonnen promotiewedstrijd (6½-3½ tegen Messemaker uit Gouda) voldoende om weer KNSB-ploeg te zijn. Vier jaar later volgt de titel in de tweede klasse C. Als eersteklasser draait Philidor meteen in de top en het hoogtepunt komt in 1966: promotie naar de nationale hoofdklasse.

Het debuut haalt ook het boek ‘Koninklijke Schaakclub Philidor 1847, 150 jaar schaken in Leeuwarden’. De Friezen behoren al enkele jaren tot de sterkste teams en de KNSB-competitie 1966-1967 ontpopt zich tot een kampioensrace tussen Philidor en Philidor. In de laatste ronde, op zaterdag 8 april, treffen beide tientallen elkaar in grand hotel De Klanderij in Leeuwarden. De achterzaal zit bom- en bomvol. Het publiek staat op tafels en stoelen, als bij een stand van 5-4 Arjen Tilstra namens de thuisploeg en Maarten Etmans nog bezig zijn. De achterste mensen zien niets en beginnen te praten. Hoe is de stelling? Het gedrang neemt toe en dan beslist de kleurrijke wedstrijdleider Henk van Dam tot ingrijpen. Tilstra staat slecht en verkeert in hevige tijdnood: hij heeft nog drie seconden voor vijf zetten. Van Dam vindt dat verder spelen onmogelijk is en last een adempauze van een kwartier in om de toeschouwers op afstand te houden; hij vraagt zelfs om dranghekken. Na de hervatting herstelt Arjen Tilstra zich formidabel. Philidor 1847 mag niet verliezen en hij dus ook niet. De zwartspeler overleeft de tijdnood en verbetert zijn stelling zelfs een beetje. De partij wordt afgebroken om een week later in Leiden verder te gaan. Etmans heeft niet de sterkste zet afgegeven en wederom komt zijn opponent een moeilijke fase goed door. Weer wordt afgebroken. Die afgegeven zet verschijnt in het Friesch Dagblad en de Leeuwarder Courant en gedurende een week analyseert heel Friesland mee om Tilstra te steunen. Op 22 april volgt de derde zitting, nu in De Klanderij. Remise is haalbaar en na 23 zetten – en in totaal tien uur schaken – wordt dat resultaat op wedstrijdformulier geschreven: Philidor 1847 kroont zich tot landskampioen. De spelers die dat hebben gerealiseerd zijn Willem Aarts, Paul Boersma, Jan Kornelis Franx, Jan Meint Greben, Haijer Kramer, Wim Ooiman, Siep Postma, Eddie Scholl, Arjen Tilstra, Theun van den Tol, Lucas te Velde, Fedde van Wijngaarden en Sjoerd Zondervan.

Uit de Leeuwarder Courant van 24 april 1967.

Philidor 1847 heeft een geweldige staat van dienst in de landelijke competitie en speelt in de periodes 1946-1972 en 1973-1994 op het hoogste niveau. Na de tweede degradatie volgt meteen een kampioenschap, maar de Friezen moet na nog twee jaar hoofdklasse afhaken. Bij het behalen van de enige landstitel schaakt Caïssa vijf klassen lager (2A, NHSB), bij de degradatie van 1997 verovert GZ/De Eenhoorn de titel in de landelijke derde klasse C. Een jaar later zal het verschil tussen de schaaktop van Leeuwarden en Hoorn slechts één klasse zijn.

Na de promotie van De Eenhoorn in 2004 wordt een begin gemaakt met een reeks van twaalf onderlinge wedstrijden in de eerste klasse; deze zaterdag is de dertiende. Beide tientallen zijn vijf keer tot winst gekomen en tweemaal eindigde de Friese-Westfriese tweestrijd in een onbeslist.

Anno 2026 zijn er (nog) geen dranghekken in Copernicus Scholengemeenschap. Toch staan er voor beide teams de nodige belangen op het spel. De thuisploeg moet winnen om in het spoor van koploper VAS te blijven, Philidor 1847 – dat een loodzwaar slotprogramma heeft – moet winnen om zijn kansen op handhaving te behouden.

François-André Danican Philidor (1726-1795) woonde enige tijd in Nederland en gold in de achttiende eeuw als een van de sterkste schakers ter wereld. Hij schreef het boek ‘Analyse du jeu des échecs’, met daarin de zin ‘Les pions sont l’âme des échecs’: de pionnen zijn de ziel van het schaakspel. Het lijkt wel of de spelers in de twee Philidor-wedstrijden het boek hebben gelezen, want van de 36 openingszetten komt slechts vier keer een paard in actie.

Mason Brouwer maakte een kleine drie jaar geleden zijn debuut in het eerste van Caïssa-Eenhoorn en vierde dat met winst op Jan Hania. Met verwisselde kleuren zitten de twee nu weer tegenover elkaar. De Hoornse pionnen worden enerzijds ingezet om zwart enigszins terug te dringen en anderzijds om de Friese stelling wat te ontregelen. Het initiatief levert niets op. Er zijn enkele lichte stukken geruild en Mason heeft op de koningsvleugel nog onontwikkeld materaal. Na beider lange rokade is het evenwicht niet aangetast en kort voor de klok van vier uur kan het resultaat (remise) op het wedstrijdformulier.

Zwart valt met 13. ... Le6 de dame van Mason Brouwer aan. De Caïssa-Eenhoornaar denkt na over 14. Db5+.

Een paar minuten later zet Abel Romkes de thuisploeg op voorsprong. Hij treft invaller Simon Botter, topscorer van het tweede bondsteam van Philidor 1947. Na de eerste fase is 13. Ta2 een mooie zet. Een pionnenmuur als solide verdediging kan, ondersteund door een toren op e2, een aanvalsfront worden. Acht zetten later kijkt de Hoornaar naar een prima stelling. Een pion op e5 als punt van een speer, een actieve loper contra een tam paard, alle zware stukken nog op het bord. Abels flexibiliteit weerstaat een tegenactie. Zijn koningsloper neemt bezit van de lange witte diagonaal en na dameruil is 31. Lc6 een aanval op beide Friese torens. Een van de twee kan niet worden gered.

Abel Romkes heeft met 19. e5 de druk opgevoerd. Simon Botter zal met zijn loper het paard op f5 slaan.
Bijna de slotstelling. Abel is aan zet en kijkt naar 34. Tb8. Daarna krijgt hij de felicitaties van het Friese talent.

De score leidt een ijzersterk Hoornse kwartiertje in. Misha Dorokhin brengt de tweede partijzege binnen. Hij verslaat Amir Nicolai die in de laatste twee duels anderhalf bordpunt van Daan Zult heeft gepakt. Lange tijd staat de Friese kopman door ontwikkelingsvoorsprong een tikkeltje beter. Misha heeft het loperpaar en dus ruimte nodig en die ontstaat na een zet of twintig. Beide stukken verschijnen op diagonalen naast elkaar en nemen zo een sterke positie in. Even moet zwart opletten voor een aanval op de koningsvleugel, maar na dameruil is de angel eruit en prompt verslikt de witspeler zich in een giftig pionnetje op b7 dat hem een stuk kost.

,,Dit is niet goed gegaan’’, beseft Amir Nicolai, nadat hij even eerder een stuk is verloren. Misha Dorokhin heeft de slotzet 31. ... Lc4 gespeeld en wit weet dat het einde verhaal is.
De partij wordt door de kopmannen van Caïssa-Eenhoorn (links) en Philidor 1847 geanalyseerd.

Ook Nick Manshanden scoort maximaal. In het koningsgambiet maken Erik Kruit en de Caïssa-Eenhoornaar er een spectaculaire partij van. Er gebeurt meteen van alles en als de kruitdampen zijn opgetrokken, staat Nick de kleine kwaliteit voor. Beide koningen nemen een onveilige positie op de e-lijn in, maar zwart plaatst veel materiaal op de koningsvleugel en dwingt de Friese routinier tot verdedigen. Dat pakt vanaf de 22e zet verkeerd uit. Nicks stelling steekt vernuftig in elkaar en op een fraaie manier rondt hij zijn aanval, met onverwachte steun van de toren op c8, af.

Meteen spektakel op het bord van Nick Manshanden die even afstand neemt om alles te laten bezinken.
Nick heeft 8. ... f6 (valt een paard aan) gespeeld en Erik Kruit denkt na over zijn antwoord. De invaller van Philidor 1847 zal met zijn zwartveldige loper de pion op f4 slaan.
De witspeler staat verloren. Nicks toren is van c8 naar c2 gegaan om de Friese koning van alle kanten te belagen. Met het zojuist gespeelde 26. ... Lb5 valt hij een toren aan. Na 27. Tf2 Dxe3+ is de buit binnen.

Bijna tien jaar geleden boekte Peter Doggers zijn laatste succes tegen Philidor 1847. Hij versloeg toen Jan Boersma en nam daarna om tactische redenen tweemaal plaats aan het eerste bord tegen internationaal meester Migchiel de Jong. In dezelfde periode scoorde Erik Sparenberg 4½ uit zes tegen Caïssa-Eenhoorn. De regerend rapidkampioen van de Leeuwarder vereniging kan daar geen vervolg aan geven, omdat zijn opponent een uitstekende Najdorf speelt. Na een late rokade zijn veel stukken gericht op de damevleugel, waar het met name voor de Friese paarden woekeren met de ruimte is. Op de zeventiende zet begint Peter aan een aanval die niet af te stoppen is. Zwart offert de kwaliteit, laat terecht een kans op stukwinst liggen en overziet een geweldige slotstelling: alle (vier) stukken doen mee, damewinst in aantocht. In welgeteld veertien minuten loopt de Hoornse eersteklasser uit van ½-½ naar 4½-½.

Ook voor Peter Doggers zit het er bijna op. Hij laat na een kwaliteitsoffer stukwinst achterwege (... Dxb6 in plaats van het gespeelde 24. ... Dc6) en kijkt na 25. Tb1 naar een dameschaak op a4. Erik Sparenberg zal hem een paar zetten later feliciteren.

Van de twintig openingszetten wordt negentien keer een pion gespeeld. Bas de Boer kiest voor 1. ... Pf6. Bas is geen ‘Philidoriaan’, maar dit bondsseizoen wel ongeslagen en houdt die status in de Copernicus Scholengemeenschap vast. Tegen Jeroen Weggen komt hij met een geïsoleerde d-pion in het middenspel en wit maakt daar ook jacht op, al blijft de prooi buiten schot. Bas kan de pion via een ruil verplaatsen naar c4 en aan die actie houden beiden een vrijpion over: de witte op d6. Lichte stukken worden ingezet om ze te blokkeren en na het nodige geruil resteert een gelijkwaardig torenseindspel.

Evenwicht in de partij Jeroen Weggen – Bas de Boer. Wit is 32. a4 van plan om de pionnenketen te breken.
Met een voorjaarszonnetje in zijn gezicht luistert Bas bij de analyse naar een variant van Jeroen.

En zo krijgen we deze middag een matchwinster: Arlette van Weersel. Haar tweede invalbeurt levert wederom remise op en daarmee krijgt Caïssa-Eenhoorn zekerheid over de wedstrijdwinst. Tegen Jan Boersma pakt de Alkmaarse snel het initiatief en zet haar opponent onder druk. Met een pion op d5 dwingt Arlette zwart om daar omheen te spelen en de Friese routinier zoekt daar de damevleugel voor uit. Zijn dame pendelt verschillende keren tussen a5 en d8, terwijl wit haar torens op de open c-lijn verdubbelt. Actiever stukkenspel levert op de 32e zet pionwinst op en als ‘d5’ een vrijpion wordt, lonkt er zelfs partijwinst. Het lukt Arlette echter niet haar voordeel te verzilveren. Na een flinke afruil blijven de dames over en mag de zwartspeler zeer tevreden zijn over het halfje. Zijn vijfde alweer in deze bondscompetitie; plus een vol punt in de tweede ronde.

Arlette van Weersel staat er goed voor. Terwijl de zwarte dame tussen a5 en d8 pendelt (Jan Boersma zal in deze stelling 21. ... Dd8 spelen), heeft wit haar torens op de open c-lijn verdubbeld.
De witspeelster staat op het punt om met haar loper het paard op c5 te slaan. In deze fase van de partij mag Arlette aan de winst gaan denken.

Daan Zult moet nog verder terug in de tijd dan Peter Doggers om zijn laatste overwinning op een Friese opponent te voorschijn te halen: op 25 september 2010 tegen Bas van der Lijn. HSV De Eenhoorn zegevierde in Leeuwarden met 7-3 en de grootste uitslag tegen Philidor 1847 wordt in Copernicus geëvenaard, mede dankzij het bordpunt van Daan. Na een lange aftastende fase tegen Jippe Kamstra neemt hij het initiatief om eerst voor een open d-lijn te zorgen en vervolgens voor meer ruimte op het bord. Met 21. ... Pd7 kijkt zwart niet naar een directe  paardsprong naar c5, maar bereidt hij een pionzet voor. Het Friese antwoord (22. b4) is meteen een verzwakking. De paardsprong komt er alsnog om even later het stuk te ruilen tegen de laatste loper van zijn opponent, die dan inactieve paarden op f3 en g3 heeft. Daan kan dusdanig manoeuvreren dat hij op de c-lijn verdubbelde torens en een sterk loperpaar krijgt. Daarna is het een kwestie van tijd en geduld om de stand op 6½-1½ te brengen.

Met verdubbelde torens en een sterk loperpaar heeft Daan Zult geduchte wapens in zijn partij tegen de Friese routinier Jippe Kamstra.
Zwart wil na 37. Tf2 zijn loper op b7 actiever maken en zal ... Lc6 spelen.

Migchiel de Jong is vanaf 2012 zeven keer kopman van Philidor 1847 geweest en neemt nu plaats aan het tweede bord. Dat betekent een herhaling van 2010, toen hij op die stoel tegen Martijn Monteban speelde en dat nu weer doet. De uitslag wordt wel anders. In een interessante partij ontstaat een open koningsvleugel, hoewel beiden kort hebben gerokeerd. Martijn verovert een centrumpion en de Friese internationaal meester moet veel stukken gebruiken om zijn verdediging op niveau te houden. Toch kan hij niet verhinderen dat wit zich naar een gewonnen stelling speelt. Na dameruil wordt het echter wat minder duidelijk. Als ook de torens zijn verdwenen, houden alle lopers en paarden de balans in evenwicht. Daar komt geen verandering in. De koploper van de Leeuwarder clubcompetitie geeft zijn koning een actieve rol en de Caïssa-Eenhoornaar moet genoegen nemen met een halfje.

Voor het eerst in zestien jaar zit Migchiel de Jong (rechts) in de wedstrijd tegen Caïssa-Eenhoorn niet aan het eerste bord. Het is overigens de derde keer dat hij tegen Martijn Monteban op de tweede stoel plaatsneemt.
Overzicht van de speelzaal met op de voorgrond Caïssa-Eenhoorn – Philidor 1847 en links op de achtergrond Caïssa-Eenhoorn 2 – Philidor (zonder jaartal, want uit Leiden)
Het eindspel van Martijn Monteban – Migchiel de Jong. Zwart moet eerst het schaak opheffen en kan daarna kijken of hij de a-pion kan nemen.
Ooit had een oud-Caïssaan (Henk van Rietbergen) het over ‘matter dan mat’ en als variant daarop: remiser dan remise kan het niet. Migchiel pakt de laatste pion en Martijn heeft onvoldoende materiaal om verder te komen dan een half bordpunt.

Addy Lont en Henk-Jan Visser zitten voor de vierde keer in dertien wedstrijden tussen de Hoornse en Leeuwarder eersteklasser tegenover elkaar. Met een duidelijke Friese plusscore nu: tweemaal winst, twee remises. De neef van onze oud-clubgenoot Dirk Lont heeft overigens slechts één duel gemist (in februari 2012) en een imposante serie tegen opponenten uit Hoorn opgebouwd. Na nederlagen tegen Martijn Monteban en Ardjan Langedijk in 2005 daarna goed voor zes zeges en vier halfjes.

De twee doen lange tijd niet voor elkaar onder, maar bij 19. ... Db4 komen er problemen voor Henk-Jan. Zijn positie op de damevleugel is kwetsbaar. Zwart laat zijn paarden soepel springen om de pionnenstructuur op die  flank aan te tasten. Met zijn vechtlust bereikt de ‘kampioen van Badhoevedorp’ toch weer gelijkwaardigheid, maar zijn loperoffer pakt niet goed uit. Henk-Jan raakt de kleine kwaliteit achter en bemerkt dat zijn opponent veel belangrijke velden beheerst. Vooral de Friese paarden zijn goud waard. Als de zwarte dame een positie op een randveld inlevert voor een centrumplaats, valt de beslissing snel.

Henk-Jan Visser buigt zich over de stelling na 25. ... Kf8. Zijn pionnen op a4 en b2 staan onder druk.
Met 40. ... Pd2 heeft Addy Lont de Hoornse dame – naar d5 gestapt – belaagd. Zijn paarden kunnen elkaar op de vierde rij verdedigen.

Desondanks wordt het weer een grote overwinning (7-3) voor Caïssa-Eenhoorn, waarin iedereen een bijdrage levert aan de fraaie tweede plaats die de ploeg nog steeds inneemt. VAS heeft een punt meer en is een bordpunt uitgelopen. De Amsterdammers hebben een iets lichter slotprogramma.

Verrassing van de teamleider: een nieuw notatieboekje.