De ouderdom van de Hoornse schaakhistorie is met zes jaar verlengd. Dat vertelde Co Buysman vrijdag tijdens zijn lezing in het Westfries Archief. De oudste bron dateert nu van 1819.
Voor de geschiedenisliefhebbers van Caïssa-Eenhoorn had hij een nieuwtje in petto. Een kort bericht in de ’s Gravenhaagsche Courant van maandag 19 december 1825 meldde het bestaan van het Hoornse schaakgezelschap Tot In- en Uitspanning. Onlangs ontdekte Co de tekst van het in 1819 uitgegeven boek ‘Anastasia en het schaakspel’. Daarin staat een intekenlijst met de namen van tien mensen uit Hoorn.
‘Anastasia en het schaakspel’ is een vertaling – van de hand van Jan Teodoor Boogaard (1776-1855) – van het Duitse boek ‘Anastasia und das Schachspiel’, in 1803 verschenen en geschreven door Johann Jakob Wilhelm Heinse (1746-1803). Boogaard was op 15 mei 1803 een van de oprichters van het Haagsche Schaakgenootschap, zeer waarschijnlijk de eerste schaakclub in Nederland. In 1819 werkte hij als commissaris van politie in Alkmaar en was lid van het plaatselijk schaakgenootschap.
Aan de hand van een intekenlijst wist een uitgever destijds of er voor een boek belangstelling bestond. ‘Anastasia’ trok zo’n tweehonderd intekenaren, onder wie de in Hoorn wonende Pieter van Akerlaken (advocaat, raadslid, burgemeester en politicus), Johannes Best (raadslid en koopman), Nicolaas Carbasius (procureur, raadslid en burgemeester), Cornelis van der Wolff Courrech (fabrikant, koopman en makelaar), Cornelis Loeterbagh (koopman), Johannes Repelius (arts), Jan Ronnenberg (koopman), Lucas Stokbroo (raadslid en kantonrechter), Jan Vermande (boekhandelaar) en Evert Wijnalda (koopman).
Omdat in het boek heel veel – ingewikkeld geschreven – schaakzetten staan, heeft een niet-schaker er niets aan. Mogelijk dat een enkeling een verzamelaar was, maar aangenomen mag worden dat de meeste schaakliefhebbers waren en ook schaakten. In het begin van de negentiende eeuw was schaken een vrijetijdsbesteding voor de notabelen, voor welgestelden. Het Hoornse schaakgezelschap uit 1825 doneerde 108 gulden aan een landelijk comité om de arme Grieken, die midden in een bloedige vrijheidsoorlog tegen de Turken zaten – te helpen. Een aanzienlijk bedrag (te vergelijken met 1115 euro nu), dat alleen door rijke mensen opgebracht kon worden. Hoorn was destijds een arme gemeente en veel burgers konden nauwelijks rondkomen. Waarschijnlijk maakte een aantal van de tien intekenaren van ‘Anastasia’ deel uit van het schaakgezelschap Tot In- en Uitspanning.
Overigens heeft Christ Stoffelen vorig jaar in de kwartaalbladen van de historische vereniging Oud Hoorn een aantal artikelen over oude reisverslagen geschreven. Zijn eerste bijdrage ging over de Engelsman Johnson die in 1816 met Willem Kist door het huidige Noord-Holland trok en ook Hoorn bezocht. Een citaat: ,,Wij deden daarop eene wandeling buiten de Koepoort om den fraaijen Koepoortsweg te zien.’’ Maar het interessantst is een zin even verderop in het reisverslag. ,,Er is eene Societeit, die des morgens meer bezocht wordt dan des avonds; er is ook een Koffijhuis, waar de burgers samen komen om den tijd met schaken, dammen, of met het biljart en kaartspel te korten.’’
Over enkele seizoenen kan Caïssa-Eenhoorn vieren dat er tweehonderd jaar in Hoorn wordt geschaakt.

Fantastisch verhaal gehouden Co ! Veel en goed gedocumenteerd werk gedaan. En nu met zijn allen naar het Westfries Archief om de uitdaging van Co te accepteren : wie vindt er een nog oudere schaakactiviteit ? Ook daar staat de koffie klaar !