Schaakpuzzel voor de jeugd (28)

Door het coronavirus hebben de schaakverenigingen geen clubavonden meer. Niet voor de senioren en niet voor de jeugd. Maar dat betekent niet dat meisjes en jongens niet kunnen schaken. Speciaal voor de jeugd zal Caïssa-Eenhoorn de komende tijd elke dag (behalve zaterdag) een schaakpuzzel op de website plaatsen.

ZSC-Saende (Zaandam) komt voort uit een fusie tussen ZSC en Saende. ZSC (Zaandamsche Schaakclub) werd opgericht – op 24 september 1924 – door enkele notabelen. Het kader bestond uit artsen, advocaten en fabrikanten en zij speelden in de eerste jaren op aparte tafels met het beste materiaal. Andere leden mochten daar niet aankomen; een strenge ballotagecommissie hield toezicht.

Direct na de Tweede Wereldoorlog zag Het Havenkwartier, bepaald niet een vereniging met leden met een volle portemonnee, het levenslicht. Zeven jaar later werd de naam veranderd in Saende en in 1971 kwam het tot een samensmelting met ZSC, dat overigens in 1946 een van de grootste schaakclubs van Nederland was.

Negentig jaar geleden bestond de NHSB nog niet en was Noord-Holland een district van de Nederlandsche Schaakbond. Hoewel verschillende clubs uit Amsterdam deel uitmaakten van het Noord-Hollandse district, speelden de tientallen van ZSC vaak tegen ploegen uit Haarlem en het noordelijke deel van de provincie. ZSC-secretaris Hubach schreef in 1929 in zijn jaarverslag: ,,De districtscompetities hadden inmiddels een roemloos einde gevonden. Met 3 tientallen met goede moed begonnen, werd niet één competitie beëindigd. Wel is hier gebleken dat competitiewedstrijden met o.a. Hoorn, Alkmaar en Den Helder moeilijkheden opleveren die het ongewenst maken deze te houden.’’

Er kwam dan ook een bestuursvoorstel om aansluiting te zoeken bij de Amsterdamsche Schaakbond. In het seizoen 1930-1931 maakte ZSC zijn entree in de ASB-competitie. In 1932 werd de Noordhollandsche Schaakbond opgericht en niet lang daarna de Zaansche Schaakbond. Omdat de ZSC-spelers hun Amsterdamse opponenten niet altijd even sportief vonden, kreeg aansluiting bij de NHSB (dat niet vergeleken kon worden met het vroegere district) de voorkeur. Het begon met een proefjaar en zo had het seizoen 1933-1934 de unieke situatie dat het eerste tiental van ZSC in de NHSB-competitie speelde, het tweede in de ASB-competitie en het derde in de ZSB-competitie.

Een van de ZSC’ers was W. de Jongh. Mogelijk heeft hij NHSB- en ASB-partijen gespeeld, want qua sterkte zat hij net op de grens van het eerste en tweede team. De Zaandammer componeerde ook en in de schaakrubriek van de Alkmaarsche Courant van 7 januari 1933 stond schaakpuzzel 28.

Wit geeft mat in twee.

 

De oplossing van vrijdag: 1. De4+. De zwarte koning heeft maar één vluchtveld. Na …  Kc5 volgt 2. Lb4#.