Er gaat niets Boven karspel (19)

Een halve kilometer ten westen van Vereenigingsgebouw De Tuf hangen bouwdoeken met historische foto’s. Het gebied van het Streekplein en omgeving wordt herontwikkeld en het leek aannemer Kuin een mooi idee om met oude foto’s van dat deel van Bovenkarspel de overgang van oud naar nieuw te laten zien. Schakers ontbreken, maar dat is niet zo vreemd. Oude foto’s van de schaaksport zijn zeldzaam en het is de vraag of er rondom het Streekplein is geschaakt.

Het publiek heeft gekozen voor de partij Abel Romkes – Roan Beliën, Midzomer-topper in de zesde ronde. Lode Broekman – Nizar Alayoubi (links) trekt in de late uurtjes geen toeschouwers.

Bovenkarspel heeft wel een interessante schaakhistorie. Er zijn in ieder geval twee verenigingen geweest: OLIS en De Groene Zes. Ons Leus Is Schaken ziet op donderdag 9 februari 1933 het levenslicht en telt al snel twintig leden. N.J. de Boer is de eerste voorzitter en neemt meteen aan het eerste bord plaats in de eerste vriendschappelijke wedstrijden. Penningmeester P. Deen Wz. stelt zich bescheidener op en is negendebordspeler en van secretaris W. Kuin is niet bekend of hij partijen heeft gespeeld. Twee weken na de oprichting ontvangt OLIS veertien schakers uit Hoogkarspel voor een duel en verliest met 4½-9½. Half maart volgt de revanchewedstrijd in Hoogkarspel en die krijgt ook een revanche-uitslag: 6-11. N.J. de Boer, waarschijnlijk Nicolaas Jozef die een paar dagen later zijn 31e verjaardag viert, heeft op 23 februari van Meindert Hofland verloren en verslaat zijn zeventien jaar oudere opponent in hun tweede partij.

Uit het Westfriesch Dagblad van 25 februari 1933.

OLIS heeft niet lang bestaan. De oprichtingsvergadering werd geleid door de vice-voorzitter van de Sint Jozefgezellenvereniging – toegankelijk voor rooms-katholieke jongeren – en OLIS is vermoedelijk daarin opgegaan. Caïssa speelt twee jaar na zijn oprichting in 1923 tegen ‘de schaakclub Dimda ter Bovenkarspel’, zoals de Nieuwe Hoornsche Courant van 26 januari 1925 meldt. Dimda is waarschijnlijk geen echte schaakclub geweest, maar een kleine vriendenploeg. De twee duels tegen Caïssa tellen zes en zeven partijen. Meer is niet bekend van de Bovenkarspelse schaakliefhebbers, al worden N.J. de Boer, P. Bos en D. Koster later lid van OLIS.

Er zijn nog oudere bronnen van het Bovenkarspelse schaken. Het katholieke dagblad De Tijd heeft net als bijna alle kranten heel lang een schaakrubriek, waarin onder meer een probleemstelling staat. Het oplossen van die stellingen (wit aan zet geeft mat in twee of drie) is meer dan een eeuw geleden populair in Nederland en J. Botman Gz. en K. Laan worden in 1889 bij de oplossers genoemd. Andere Bovenkarspelers wagen zich er ook aan. Zo ben ik in Onze Courant/Westfriesch Dagblad de initialen en namen van mejufrouw H.B. (in 1925), J.B., G. Boekweit, N.J. de Boer, P. Bos, P Buisman, Joh. Out, E.T.S. en B. Schilder tegengekomen en in andere kranten J. Braakman, S. Kok (allebei 1908), H. Mak (1922), A. en P. de Boer – jongere broers van Nicolaas Jozef – en P.A. Koster (alledrie in 1924).

Uit De Tijd van 14 januari 1889. Zijn J. Botman Gz. en K. Laan de eerste Bovenkarspelse schakers? Ook Pieter Pinxter, hoofd van de openbare school in Zwaag, lost probleemstellingen op. De Oterleekse schaakliefhebber P. Schipper, die zich in 1878 in een tienkamp in Den Haag tussen de nationale top mengde en zevende werd, trok vaak met zijn vriend M. Zuurbier op.

Het zal een aangename vorm van vrije tijd zijn geweest. Na een dag hard werken thuis komen, eten en de krant (aan het einde van de middag bezorgd) lezen. Om vervolgens het schaakprobleem op te lossen. Zullen ze dat uit hun hoofd hebben gedaan of werd het schaakbord, als ze die hadden, erbij gehaald en de stelling erop gezet? Om de sleutelzet te vinden heb je een handigheidje nodig. Zelden is de eerste zet een schaakzet en als dat wel het geval is, wordt de kwaliteit van de compositie niet als hoog ingeschat. Vaak ook heeft de zwarte koning geen of weinig vluchtvelden, zodat op de tweede zet mat kan worden gegeven.

De eerder genoemde N.J. de Boer was niet alleen schaker en schaakprobleemoplosser, hij componeerde eveneens. Zijn eerste en wellicht tevens de eerste Bovenkarspelse probleemstelling staat in het Noord-Hollandsch Dagblad van 4 januari 1924; overigens niet de voorganger van het huidige Noordhollands Dagblad, maar een voortzetting van het katholieke nieuwsblad Ons Blad. ,,Een welgeslaagde eersteling van onzen getrouwen oplosser N. J. de Boer’’, schrijft de schaakredacteur in de krant van 25 januari bij de oplossing. Wit geeft mat in twee en de oplossing meld ik volgende week. Hieronder probleem 59, van N.J. de Boer.

Welke Midzomer-schaker lost dit probleem op?

Honderd jaar geleden bogen de schaakliefhebbers zich enkele dagen over een stelling. Tijdens het Midzomertoernooi kijken ze wat korter naar de mogelijke zetten. Het deelnemersrecord wordt op 44 gebracht door het debuut van Caïssa-Eenhoorn-speler Mustafa Guney. Opvallend in de zesde ronde is het grote aantal remises: acht in zeventien partijen. Opvallend ook de eerste nederlagen voor Roan Beliën, Remco Bravenboer en Alfred Schenk. Roan is de speler in opkomst bij en de vice-kampioen van schaakvereniging Heerhugowaard. Hij stuit op Abel Romkes, de tweevoudig kampioen van Caïssa-Eenhoorn, die een dikke driehonderd ratingpunten meer heeft. Ze maken er de langste partij van de avond van en op weg naar het middernachtelijk uur is het onduidelijk hoe de strijd zal aflopen. In een eindspel met toren en loper heeft Abel als troef een vrijpion op a7. Tijdnood gaat een rol spelen en als hij de kwaliteit geeft voor promotie, moet zijn opponent de toren offeren om die ongedaan te maken. Met een loper over en een vrijpion op de g-lijn betekent dat de vierde Hoornse zege van dit toernooi en zijn twaalfde op rij in Bovenkarspel. Een bouwdoek met een foto van Abel zal momenteel niet misstaan.

Uit het Dagblad voor West-Friesland van 4 juli 2026. Bouwdoeken in Bovenkarspel, maar nog geen met een foto van Midzomer-topschaker Abel Romkes erop.
Midzomer-debutant Mustafa Guney speelt met wit tegen André Mantel.
Nizar Alayoubi (links) aan zet tegen Lode Broekman.
De Caïssa-Eenhoorn-partij Renzo Snel – Jehat Karatas geeft een gelijke stand op de klok (1:13), maar niet op het bord te zien. Wit staat een stuk voor.
Remco Bravenboer moet een aanval op de damevleugel pareren. Hij heeft lang gerokeerd, waarop zwart zwaar materiaal op de b-lijn plaatst.
Abel Romkes, de kampioen van Caïssa-Eenhoorn, met wit tegen Roan Beliën, de vice-kampioen van Heerhugowaard.
Beide spelers zitten in de laatste vijf minuten en hoeven niet meer te noteren. Roan is aan zet.
Haviksogen van organisator Nico Weel (links) die het noteren van een afstandje heeft overgenomen.
Het wordt spannender en spannender. Abel dreigt met Td6+ en stukwinst, maar de Heerhugowaard-speler zal dat verhinderen.
Lode Broekman (links) toont vechtlust tegen Nizar Alayoubi. Met toren plus loper contra het loperpaar met paard zal hij zich naar remise vechten.
Zesde ronde (woensdag 8 juli):
Abel Romkes – Roan Beliën......................1-0
Peter van Waert – Bert Spil....................½-½
Nico Weel – Koen van Lankveld..................½-½
Eugène Koomen – Henri Stouten..................½-½
Remco Bravenboer – Co Buysman..................0-1
Jan Baars – Bas Doodeman.......................½-½
Lode Broekman – Nizar Alayoubi.................½-½
Ron Smit – Ed Hoes.............................½-½
Stef de Wit – Gerard Broersen..................0-1
Emil van Dijk – Ed Hornick.....................½-½
Renzo Snel – Jehat Karatas.....................1-0
George Tadrous – Harry de Best.................0-1
Alfred Schenk – Dion Brandt....................0-1
Mustafa Guney – André Mantel...................½-½
Siem Boon – Nico Reus..........................1-0
Hans Morsink – Evert Cornelisse................1-0
André van Leeuwen – Caspar Jinssen.............1-0
De stand:
1. Jan Baars (KTV, 1694)............................. 24,64 4 2 0
2. André van Leeuwen (KNSB-lid, 1348)................ 14,29 3 0 0
3. Renzo Snel (Caïssa-Eenhoorn + KTV, 1543).......... 13,58 4 0 2
4. Remco Bravenboer (Caïssa-Eenhoorn, 1707).......... 13,50 3 2 1
5. Boris de Best (Caïssa-Eenhoorn, 1836)............. 12,89 2 2 0
6. Roan Beliën (Heerhugowaard, 1850)................. 12,44 2 3 1
7. Alfred Schenk (Schaaklust, 1500).................. 9,95 4 0 1
8. Abel Romkes (Caïssa-Eenhoorn, 2184)............... 9,29 4 0 0
9. Mai Movrin (Caïssa-Eenhoorn, 1347)................ 8,43 3 0 1
10. Dion Brandt (Degoschalm, 1535).................... 8,41 3 0 2
11. Nizar Alayoubi (Caïssa-Eenhoorn, 1699)............ 8,25 2 3 1
12. Harry de Best (Caïssa-Eenhoorn, 1568)............. 7,93 3 0 2
13. Stef de Wit (Torenhoog, 1637)..................... 7,89 3 0 2
14. Koen van Lankveld (Purmerend, 1814)............... 7,74 1 4 0
15. Serge Kramer (WSC De Pion, 1748).................. 5,99 1 0 0
16. Peter van Waert (Caïssa-Eenhoorn, 1941)........... 3,80 1 1 1
17. Co Buysman (Caïssa-Eenhoorn, 1739)................ 3,46 2 2 2
18. Ron Smit (KNSB-lid, 1642)......................... 2,99 2 2 2
19. Gerard Broersen (Degoschalm, 1656)................ 2,68 2 1 2
20. Ed Hoes (KTV, 1660)............................... 2,52 1 3 1
21. Emil van Dijk (1585).............................. 2,51 2 1 2
22. Jan Timmerman (Caïssa, 1867)...................... 0,77 0 2 0
23. Jan Olthof (Schaaklust, 1731)..................... 0,49 0 1 0
24. Mustafa Guney (Caïssa-Eenhoorn, 1502)............. 0,46 0 1 0
25. Hans Morsink (KNSB-lid, 1450)..................... 0,05 2 2 2
26. Eline Kuin (Schaaklust, 1290)..................... -1,49 2 0 2
27. Siem Boon (Degoschalm, 1424)...................... -1,58 3 0 3
28. Evert Cornelisse (Torenhoog, 1133)................ -1,64 1 1 4
29. Nico Reus (Degoschalm, 1474)...................... -1,84 2 1 2
30. Willem van der Veen (Caïssa-Eenhoorn, 1494)....... -2,17 2 0 3
31. Henri Stouten (KTV, 1718)......................... -2,67 0 4 1
32. Lode Broekman (Muider Schaakkring, 1655).......... -2,78 1 2 2
33. Eugène Koomen (KTV, 1784)......................... -2,85 2 1 3
34. Jehat Karatas (Caïssa-Eenhoorn, 1611)............. -3,20 2 0 3
35. Bas Doodeman (Degoschalm, 1738)................... -3,56 1 1 2
36. Ed Hornick (Torenhoog, 1634)...................... -3,68 1 1 2
37. Suleiman Abdulkhaleq (Caïssa-Eenhoorn, 900)....... -4,07 0 0 5
38. Jamal Zyat (Caïssa-Eenhoorn, 1699)................ -4,50 0 1 1
39. Bert Spil (Caïssa-Eenhoorn, 1874)................. -4,88 0 2 2
40. Caspar Jinssen (Torenhoog, 1214).................. -7,69 1 1 3
41. George Tadrous (Degoschalm, 1531)................. -8,99 1 0 3
42. André Mantel (KTV, 1480).......................... -9,02 0 2 2
43. Nico Weel (Schaaklust, 1794)...................... -9,24 0 1 2
44. Marc Norden (Muider Schaakkring, 1874)............ -9,99 1 0 4
De midzomerscore, bepalend voor de ranglijst, wordt via een speciale
formule en aan de hand van de ratings berekend.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *