Tijdens het eerste Hoornse Sportdebat, gisteravond in Sportcentrum Hoorn, kwamen politici en veel voetbal-, tennis- en hockeyvertegenwoordigers aan bod, maar het is zeker geen schaakloze bijeenkomst geworden.
Caïssa-Eenhoorn bezocht in de personen van Co Buysman, Robbert van Dijkhuizen en Sernin van de Krol het debat. Menig aanwezige werd verrast door de jeugdigheid van twee van de drie bestuursleden. Schaken, dat is toch een sport voor oudere mannen?
De gemeenteraadsverkiezing op 21 maart a.s. vormde de aanleiding tot het eerste Hoornse Sportdebat. Een flink aantal Hoornse sportclubs maakt deel uit van het Hoorns Sportcollectief, de organisator van de avond, dat wilde weten hoe groot de aandacht van de politieke partijen voor sport is. En hoe ziet het lokale sportbeleid eruit?
Iedere partij kreeg anderhalve minuut de gelegenheid om iets over haar sportvisie te zeggen en een vraag voor te leggen. Daartussen werden enkele stellingen geponeerd, waarbij de clubmensen en de politici met een groene of rode kaart konden aangeven het eens of niet eens te zijn. De eerste stelling luidde: de kinderen in de groepen 7 en 8 van de basisscholen moeten verplicht schaakles krijgen. Van de pakweg tachtig aanwezigen stak een grote meerderheid de groene kaart omhoog.
Aart Ruppert (VOCHoorn) pleitte voor denksportcentra in alle Hoornse wijken, met ruimte voor bridgen, klaverjassen, dammen en schaken. Hij was een van de twee politici die de schaaksport expliciet noemden. Thomas de Groot (PvdA) vertelde bij het voorstellen van zichzelf dat hij vroeger als kind heeft geschaakt. In Zwaag volgde hij enkele jaren de lessen van Ben Takken.
Elf politieke partijen waren vertegenwoordigd en naast Thomas de Groot hebben nog twee een schaakverleden. Jos Renckens (D66) speelde in de periode 1976-1980 in de clubcompetitie van Caïssa. Roy Drommel (GroenLinks) zat bij Almere achter het schaakbord. Het doet een beetje denken aan de jaren vijftig, toen vijf raadsleden lid waren van Caïssa en ook wethouders en een burgemeester (Ben Kalb, de laatste burgemeester van de gemeente Zwaag) op dinsdagavond naar de schaakclub kwamen. Dat wordt nu lastiger, omdat op die avond regelmatig politieke bijeenkomsten zijn.
Dat de schaaksport een belangrijke rol in de (Hoornse) samenleving kan spelen, is te zien in ‘De droomvermenigvulderaar’, in 2016 gemaakt en die gaat over een schaakproject in de Indische Buurt in Amsterdam. Verschillende ideeën en gedachten die gisteravond ter sprake kwamen, komen in de 25 minuten durende documentaire aan bod. Aan het slot van het debat gaf Caïssa-Eenhoorn alle aanwezigen de tip om op youtube ‘De droomvermenigvulderaar’ te kijken.
